|
|
|
De Kweek van de Pantherophis guttatus
|
| Geslachtsaanduiding
|
De geslachtsaanduiding wordt aangeveven met cijfers en niet met namen of symbolen.
Het eerste cijfer geeft de man of mannen aan, het tweede de vrouw of vrouwen en het eventuele derde waarvan de gelachten onbekend zijn.
1.2.3 staat dus voor 1 man, 2 vrouwen en 3 van een nog onbekend geslacht.
|
| Geslachtsbepaling
|
Het geslachtsonderscheid bij de Pantherophis guttatus is kunnen we op 3 manieren bepalen:
1. Door te kijken naar de staartbasis, bij mannen is die verdikt op de plaats waar de hemipenissen zitten,
bij de vrouw is de staart meestal smaller en korter. (werkt het beste bij oudere volwassen dieren)
2. Door te poppen, bij het poppen worden de hemipenissen van de man naar buiten gewreven.
Alleen als de hemipenissen naar buiten komen weet je met zekerheid dat het een man is.
Hij kan ze namelijk door zijn spieren samen te trekken ook vastklemmen en binnen houden.
Door te poppen weet je dus alleen met 100% zekerheid of het een man is als
de hemipenissen naar buiten komen. Dit moet door ervaren personen en met de nodige voorzichtigheid gedaan worden om de slang niet te beschadigen!
3. Door te sonderen, dit is de meest betrouwbare manier. Dit doen we door een met alcohol schoongemaakte en met vaseline ingesmeerde sondeernaald
bij de slang in de cloaca in te brengen en naar achter te schuiven (richting de staartpunt).
Omdat de man in de staartbasis de hemipenissen heeft zitten, kan bij de man de sondeernaald dieper ingebracht worden,
4 tot 12 schubben.
En bij een vrouw slechts 1 of 3 schubben.
Sondeer alleen zelf als je weet wat je doet, en het van ervaren mensen hebt geleerd!
Je zou de slang snel van binnen kunnen beschadigen, en kan daardoor onvruchtbaar worden. (We noemen dat lekprikken).
Om nog maar niet te praten over de eventuele ontstekingen!
|
| Winterrust???
|
De meningen om de slangen in winterrust te brengen zijn sterk verdeeld.
Sommige doen het wel en sommige niet. Andere kiezen ervoor alleen de mannen in winterslaap te brengen
zodat ze de vrouwen nog goed door kunnen voeren voor de kweek.
Het zou voor mannen beter zijn om hun zaadproductien en kwaliteit te verbeteren.
Wil je de slangen in winterrust brengen stop dan half oktober met voeren. ( voorwaarde dat de slangen in goede conditie zijn!!!)
na een dag of 18 de temperatuur en de verlichting terug brengen. Doe hier een paar dagen over zodat ze langzaam kunnen wennen.
Breng je de temperatuur te vroeg terug zullen de etensresten wegrotten waardoor hij kan sterven!
De slangen zullen al minder actief worden door de warmtevermindering en zullen langzaam in rust gaan.
Ze zullen nu snel minder aktief worden minder actief (door minder warmte) en zullen langzaam in rust gaan.
Na 5 dagen tot een week kan de verlichting helemaal stopgezet worden.
10 tot 14 graden is de juiste temperatuur voor de winterslaap, in ieder geval nooit onder de 6 graden!
Geef ze compleet rust en stoor ze alleen voor het verversen van de waterbak.
Rond half Januari beginnen met langzaam de temperatuur op te voeren, breng de temperatuur in een week weer terug naar 28 graden celcius.
En geef ze tijdens het omhoog brengen van de temperatuur ook geleidelijk aan meer licht, tot het normale nivo.
Nu kun je ze ineens 14 tot 16 uur licht geven, zodat ze het voorjaarsgevoel krijgen. En er kan weer begonnen worden met voeren.
Begin met het voeren van kleinere prooien, zodat de maag en darmen weer kunnen wennen en je eventueel spuwen voorkomt.
|
| Leeftijd en kweekgewicht
|
Het gewicht, leeftijd en het postuur van de vrouw is van groot belang!
Gewicht:
Minimaal 350 gram, het leggen van de eieren en de dracht is een aanslag op het lichaam, na het leggen van de eieren kan een vrouwtje 1/3 van haar gewicht verliezen.
Leeftijd:
Minimaal 2 jaar
Postuur:
Goed doorvoed maar zeker niet vet! Het postuur moet stevig zijn en op een minimale lengte van 95 cm. Houd rekening dat alles naar verhouding is!
Een slang van 3 jaar met een gewicht van 350 gram en 130 cm lang is te mager om mee te kweken.
|
| De kweek
|
De paartijd begint rond eind februari (of direct na de eerste vervelling na de winterslaap) en loopt door tot juni / juli.
Je kunt ze nu wat meer laten eten als ze willen. Vers gedode volwassen muizen genieten de voorkeur.
omdat daar veel kalk inzit wat ze nu extra nodig hebben voor de groei en ei productie en bij de mannen voor hun zaadprodctie en kwaliteit.
Let op:
In Nederland mogen we levend voeren, maar in Engenland is dat bij wet verboden.
In Nederland is het verboden dieren te doden, dit mag alleen gedaan worden door een dierenarts en proefdierverzorger!!!
Het vrouwtje zal feromonen uitscheiden, die het sterkst ruiken na de vervelling, mannetjes kunnen zo hun eigen soortgenoten herkennen.
De mannetjes kunnen al voor de eerste vervelling na de winterslaap actief worden en gaan paren. Zet altijd het mannetje bij het vrouwtje en niet andersom.
De feromonen worden net als alle andere geuren opgenomen door de tong (tongelen) en tegen het orgaan van Jacobson gedrukt.
Het mannetje zoekt op die manier een vruchtbaar vrouwt, hij zal veelvuldig gaan tongelen om te "ruiken" of het om een vrouwtje van zijn eigen
soort gaat.
Dan kruipt het mannetje van achter op het vrouwtje. En zal proberen om zijn staart om die van het vrouwtje te draaien tot de beide
cloaca's op elkaar liggen.
Het vrouwtje zal meerdere malen proberen om van de man weg te komen, dit hoort bij het "spel".
Het mannetje zal niet snel opgeven en zijn pogingen blijven wagen. Als het hem gelukt is zal hij één van zijn hemipenissen bij het vrouwtje
inbrengen, om de zaadcellen over te dragen.
Als dit gebeurd is zal het mannetje stil liggen en alleen zijn staart bewegen om zijn zaadcellen over te brengen naar het vrouwtje.
Gedurende de paringstijd zal er meerdere keren gepaard worden.
Na een dag of tien na een sucsesvolle verparing zal het vrouwtje niet meer willen.
|
| incubatie
|
Slangen hebben een massale eisprong, dat houd in zeggen alle eicellen gelijktijdig vrijkomen. Nadat de eicellen bevrucht zijn,
wordt de eierschaal gevormd. Het vrouwtje kan zelf bepalen waneer ze de eicellen bevrucht, ze kan sperma wel een half jaar opslaan,
met een enkele uitzondering tot 1 jaar.
Bij de Pantherophis guttatus worden de eieren ongeveer 25 tot 35 dagen na de paring gelegd.
Eerst zal ze vervellen en 10 to 21 dagen na die vervelling zal ze gaan leggen.
Het vrouwtje zal op zoek naar een geschikte plaats om haar eieren te leggen. Het meest geschikt is een vochtige donkere ruimte.
Het is dan ook zeer verstandig om een eilegbak in het terrarium te plaatsen. De legbak kan goed gevuld worden met vochtig veenmos of spagnum.
Ze zullen er veel tijd in doorbrengen blijven lekker warm en vochtig is. ( een legbak is noodzaak anders bestaat de kans dat ze haar eieren in de waterbak zal leggen,dan zijn alle eieren verloren).
Een paar dagen voor ze gaat leggen word ze meestal zeer onrustig. Als alle eieren gelegd zijn, moeten ze zo snel mogelijk worden weggehaald.
De eieren mogen absoluut niet gedraaid worden!!!. Als de eieren gedraaid worden, zullen de embryo's afsterven,
omdat ze niet aan een hagelsnoer zitten (zoals bij kippeneieren).
De eieren die aanelkaar gekleefd zitten mogen ook nooit gescheiden worden, omdat je de eieren dan kan beschadigen.
De eieren kunnen gewoon uitkomen als ze aan elkaar vast zitten.
De eieren dienen in een vochtig substraat gelegd worden. Een heel goed substraat is vermiculite.
Vermiculite neemt veel vocht op en houdt het ook heel lang vast. Als richtlijn kan genomen worden 1 liter water op 1 kilo vermiculite.
Doe een mengsel daarvan in een bak met deksel en gaatjes aan de zijkant. Als het vermiculite het water goed opgenomen heeft,
leg dan zonder ze te draaien half onder de vermiculite.
De beste temperatuur om de eieren uit te broeden is tussen 27 en 29 ºC. De eieren zullen na ongeveer 55 tot 75 dagen uitkomen.
Bij temperaturen boven de 30 ° C zullen de baby's kleiner zijn. En vaak misvormd of verkleefd dus dood.
Door het optillen van het deksel, om de paar dagen kan er ook weer verse lucht bij de eieren komen,
zodat de jongen niet door verstikking in het ei kunnen sterven.
Het ei heeft namelijk poriën waardoor zuurstof en kooldioxide uitgewisseld worden met het embryo!!!
Om uit het ei te kunnen maken ze met hun eitand snede's in de eierschaal.
Bij slangen is de eitand een echte tand. Het zij 2 tanden twee tanden voor het uitkomen aan elkaar en naar voren groeien
De eitanden kunnen al na een paar minuten afvallen.
Het is van groot belang dat de slang niet klem zit in het ei omdat hij dan niet kan draaien om de eierschaal open te snijden.
Een slang kan klem komen
te zitten in een ei door een te hoge vochtigheid aan het einde van de incubatie.
Hierdoor neemt het ei veel vocht op wat het jonge diertje kan doen opzwellen. Omdat de jonge slangen draaien in de eieren, zal het ei vervormen.
Vaak raakt het ei ingedeukt.
Vaak zijn er voor het uitkomen van de eieren ook druppels vocht op het ei waarneembaar.
Dit vocht kan ook komen door de sneden die de jonge slang in het ei heeft gemaakt.
Als de slang het ei voldoende heeft geopend, zal het zijn kopje naar buiten steken we noemen hem dan "pippie".
Op het moment dat de slang met de kop buiten het ei zit,
veranderd er het één en ander.
De ademhaling die via het ei ging, wordt omgeschakeld in longademhaling.
Dit kan enige tijd duren. Ook is er nog een deel van de dooier in het ei aanwezig.
Die zal in deze periode opgenomen worden door de buikwand.
Als de slang via de longen kan ademen en de dooier is opgenomen door de buikwand, zal het vanzelf uit het ei kruipen.
Hiervoor moet de slang veel rust krijgen. Het draaien in het ei om de sneden in de schaal te maken was een zwaar werkje.
De slang mag dus in deze periode niet aangeraakt worden.
|
| Hatchlings
|
De net uitgekomen diertjes noemen we Hatchlings
Als de slang volledig uit het ei gekropen is moet het apart gezet worden in een klein bakje. Zet iedere Hatchling in een appart bakje
zodat ze in alle rust kunnen bijkomen van de uitkomst.
Leg als bodumbedekking een vochtig stukje keukenpapier in het bakje met een waterbakje en iets waarin hij zich kan verschuilen.
Gebruik geen koud maar lauw water de dieren zijn immers koudbloedig.
Na ongeveer een week zal de slang voor het eerst gaan vervellen, daar na kan hem een (baby muis) pinky worden aangeboden.
Houd van iedere slang een schema bij waneer hij heeft gegeten en waneer hij verveld is, dit is van groot belang zodat je meteen kunt zien hoe ze het doen.
|
|
 
|